Brief

Lieve iedereen,

laat ik beginnen met zeggen dat ik blij ben dat het brieven schrijven weer terug is van weggeweest. Mailen is zo onpersoonlijk. Maar laat ik ook gelijk zeggen dat ik hoop dat dit de laatste brief is. De laatste brief aan asielzoekers of aan staatssecretarissen. De laatste openbare brief.

De wereld is een mooie plek. Het is statistisch gezien nog nooit zo veilig geweest in de wereld als nu. Dat is makkelijk gezegd vanuit hier, een land dat al zeventig jaar in vrede leeft. Daar ben ik me van bewust. Ik weet niet beter dan dat ik elke ochtend mijn deur uit stap met het gevoel dat het ergste dat mij die dag op mijn hoofd kan vallen een hagelbui is. Dat maakt mij een intens gelukkig mens. En natuurlijk baal ik ook als ik met schone sokken de natte badkamer in stap. Natuurlijk vloek ik even als de pindakaas op is. Maar erger gaat het niet worden. Lees verder Brief

Zelfs de kunst is stil

We willen het niet zien. We willen er niet meer naar kijken. We hebben hem gezien. De foto der foto’s. Onze ogen en gedachten zijn er niet van af te houden. We willen het niet meer zien. Een in de knop gebroken leven. Daar ligt ons geweten. Maar we willen en kunnen er niet meer naar kijken. Ogen dicht en proberen te verwerken. Alles is donker en alles is stil. Zelfs de kunst is stil.

Daar op het strand ligt alles wat we haten en liefhebben. De reden voor ons verdriet, de motivatie voor alles wat we doen. Daar ligt de onschuld en de schuld van al onze problemen. Daar ligt een klein mensje met een heel leven voor zich en een gelukszoeker. Daar ligt de inspiratie voor de prachtigste medemenselijkheid en de rode lap op een stier die politiek heet. Daar ligt vrede en oorlog. Daar ligt rust en blinde paniek. Daar ligt hoop en vrees. Lees verder Zelfs de kunst is stil

Even maar

Even maar. Heel even maar. Even geen kogels om mijn hoofd. Dat ik heel even niet hoeft te bukken. Niet hoef te schuilen. Heel even maar niet over mijn schouder kijken en wegduiken voor elk geluid dat ik hoor. Heel even maar niet op mijn hoede. Heel even zou ik jou willen zijn, Kalle.

Kon ik maar heel even rechtop lopen. Kon ik maar even veilig knipperen met mijn ogen. Kon ik maar even horen wat een vogel zegt. Of heel even gewoon rust. Maar heel even zou ik stil willen kunnen staan, zonder die onmetelijke angst voor alles en iedereen. Zonder dat ik de dood in de ogen kijk. Lees verder Even maar

Dramaturgie van de vrede

‘De hel, dat zijn de anderen’. Garcin schuifelt op zijn stoel. ‘Dat heeft niks met mij te maken, ik weet van niks’. Estragon bedekt zijn oren. Hij wil het niet horen. Hij wil het niet weten. Waar wachten ze eigenlijk op? ‘Je bent net zo goed een beul voor mij als ik voor jou’, valt Inés hem in de reden. ‘Niets is alleen de ander, Vladimir’. ‘Wie is Vladimir nou weer?’, vraagt Garcin zich af. ‘Dat ben jij toch, Estelle?’

Estragon zwijgt. Vladimir: ‘Zal ik een touw pakken.’ ‘Waarom zou je dat doen, Ines?, vraagt Pozzo. ‘We moeten toch wachten’, antwoordt Garcin. Lees verder Dramaturgie van de vrede

Padung, padung

Padung, padung. Het magische ritme van betonplaten. Uren en uren. Alleen maar rechtdoor zeiden ze. Alleen maar de grens over zeiden ze. Niet omkijken, niet opvallen. De grens over zeiden ze. Alleen de grens over. En nog een grens zeiden ze.

Het is vroeg in de ochtend. De lucht is strakblauw. De zon brandt, ondanks het vroege uur. Boedapest voorbij, grens in zicht. Oostenrijk binnen bereik. West-Europa zeiden ze. Dat was het doel. Gewoon sturen en niet opvallen. De lading? Niet belangrijk zeiden ze. Natuurlijk wist ik dat het niet helemaal deugde. Anders hadden ze het me wel verteld. Ik kreeg geld zeiden ze. Meer dan ik ooit zou kunnen verdienen zeiden ze. Veel geld om mijn gezin te onderhouden. Lees verder Padung, padung

En dat het dan regent

Dat je naar buiten moet. En dat je dan niet wil. Omdat je de hele dag al niet lekker bent. Dat je toch moet, omdat het leven doorgaat. Dat je struikelt over een stoelpoot, terwijl die stoelpoot niet beweegt. En dat je dan vloekt. Dat je je schoenen niet aankrijgt. En dat je je veter te hard aantrekt en dat hij dan kapot gaat. Dat je echt niet wil, omdat je niet weet waarvoor je het nog doet.

Dat je nog even zucht voor je probeert op te staan. En dat dat dan niet echt lukt. Dat de leuning van je stoel kraakt. En dat je vloekt. Dat je steeds maar vloekt. Dat je andere schoenen wil pakken en alleen de zijne ziet staan. Dat je je rustig weer in je stoel laat vallen. En dat je dan net scheef zit. En dat je dan de kracht niet hebt om recht te gaan zitten. En dat je ook niet weet waarom je dat nog zou willen. Dat je dan nadenkt over wat ooit was en nu niet meer is. Dat je niet anders kan en steeds maar verder moet. En dat je je jas niet kan vinden, maar eigenlijk ook niet echt zoekt. Dat je alleen het lege haakje ziet. En dat je dan vochtige ogen krijgt. Dat je dan een sjaal vind en die over dat haakje hangt. En dat dat dan niet goed voelt. Lees verder En dat het dan regent

Keihartverwarmend

‘Do you see that man standing? He isn’t standing.’

Er gaat een schok door mijn lijf. Hij geeft geen krimp. Geen witte tenten, geen bescherming. Het is even heel koud. Het is even heel stil. Alles is even voorbij. Zijn stem, de manier waarop, de luchtigheid waarmee… Die grijns.

‘Sit down boy, please sit.’

Zij kan helemaal niet staan. Ze is oud en haar benen wilen duidelijk niet meer wat haar hoofd van ze vraagt. Maar hij heeft krukken. Hij is jong, maar zijn benen kunnen even niet meer. Haar rimpelige handen grijpen stangen en leuningen. Ze geeft alles wat ze heeft. Hij moet zitten, zij wil staan. Voor hem. En dan die lach… Lees verder Keihartverwarmend

Stil in mij

‘Zo stiiiiiiiiiiiiiiiiiil in mij’

Heen en weer, heen en weer. Je vrienden voor het leven slalommen zich een weg van balie naar balie. Paspoort, blik, zwaai, traan. Knuffel, woorden, zoen, lach. Koffers worden uitgepakt en weer ingepakt. Te zwaar, te groot. Te emotioneel, te mooi.

‘Zo stiiiiiiiiiiiiiiiil in mij’

Zittend op je koffer kijk je wat beduusd voor je uit. Daar gaan ze: de mensen die je nooit meer kwijt wil. Die mensen die met jou dit avontuur hebben beleefd. Mensen die veranderd zijn, hetzelfde zijn gebleven. Mensen die je beter kent dan ooit te voren en tegelijk anders kent dan je ooit dacht dat ze zouden zijn. Door poorten. Bliep, check. Bliep, home. Lees verder Stil in mij

Hoe groot is de gemeente?

Zondag worden vijf  jongeren gedoopt op hun eigen belijdenis. In deze moeilijk tijden voor de vrijzinnige kerken is dat al goed nieuws. Maar de doop vindt niet plaats in een traditionele gemeente; geen kerkenraad, geen leden. ‘Waar worden ze dan lid? Aan wie betalen ze dan geld? Wie brengt er bloemen als je ziek bent? Aan wie leg je verantwoording af?’

Gemeente

Het zijn allemaal legitieme vragen. Vragen die niet zozeer raken aan de kern van de zaak, maar wel aan de randzaken; de tradities. En aangezien de kerk aan elkaar hangt van tradities en rituelen is dit een zeker niet de onderschatten onderdeel van het geheel. De traditionele gemeente is een gemeente verbonden aan een plaats, een regio of een kring. Het is een groep mensen die dicht bij elkaar wonen en daarom automatisch dicht bij elkaar staan. Dat is het idee tenminste. Ze kijken naar elkaar om en zorgen voor elkaar. Ze houden elkaar in de gaten en komen samen in zusterkringen, tijdens koffieochtenden, maaltijden, lezingen en natuurlijk in de zondagse dienst. Ze zijn zo progressief en vrijdenkend die Doopsgezinden. Lees verder Hoe groot is de gemeente?

Hostie voor de ongelovige

“De FIFA is machtiger dan religie”, zijn de bizarre woorden van FIFA-president Joseph Blatter. Het lijkt de zoveelste wartaal van een onder vuur liggende oude man, maar de overeenkomsten tussen voetbal en religie zijn toch moeilijk te negeren.

Socioloog en oud-roeier Ruud Stokvis stelde het vorig jaar al: “Wat mensen niet meer vinden in een kerk, vinden ze in het stadion”. “Vorming, binding en zingeving is allemaal te vinden in de sport”. Die gedachte destilleerde Stokvis uit het werk van socioloog Émile Durkheim. Hij stelde al dat primitieve stammen samenkomen en feesten en daarbij opgaan in een groter geheel. “Religie en sociale rituelen hebben dezelfde oorsprong, net als apen en mensen dezelfde oorsprong hebben; het gaat in beide gevallen om verbondenheid en het behoren tot een groter geheel”. Hierbij komt voetbal het dichtste bij, omdat dit nou eenmaal de grootste sport van de wereld is. De invloed van voetballers als Christiano Ronaldo of Lionel Messi is tegenwoordig, in een seculiere Westerse samenleving, ook veel groter dan de invloed van Jezus. Hieraan merk je al dat Stokvis wel eens gelijk zou kunnen hebben. Lees verder Hostie voor de ongelovige